Home > Algemeen > Het is definitief: de wet DBA laat de VAR verdwijnen!
Het is definitief: de wet DBA laat de VAR verdwijnen!

Het is definitief: de wet DBA laat de VAR verdwijnen!

Gisteren heeft de Eerste Kamer ingestemd met de wet die een einde maakt aan de Verklaring Arbeidsrelatie (VAR). De Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (hierna: Wet DBA) is tot stand gekomen in overleg met vakbonden, werkgeversorganisaties en zzp-organisaties. Doelstelling van de wet is om de balans in verantwoordelijkheden van opdrachtgevers en opdrachtnemers (zzp’ers) te herstellen bij het beoordelen van hun arbeidsrelatie, waardoor de mogelijkheden om te handhaven door de Belastingdienst worden verbeterd en schijnzelfstandigheid wordt teruggedrongen.

Hoe werkt het voortaan?

Met de wet wordt de VAR afgeschaft, maar hoe gaat het dan voortaan werken? Er wordt een aantal modelovereenkomsten ontwikkeld door de Belastingdienst, in samenwerking met externe organisaties. De gedachte achter de modelovereenkomsten is dat als er gecontracteerd is aan de hand van een door de Belastingdienst goedgekeurde model – en in de praktijk ook wordt gehandeld conform die overeenkomst – de onderlinge verhouding niet zal worden aangemerkt als een dienstbetrekking. De opdrachtgever hoeft dan geen loonheffingen in te houden en te betalen. Er wordt een aantal varianten algemene modelovereenkomsten ontwikkeld, die in een groot aantal situaties en sectoren toepasbaar zijn. Het gebruik van een beoordeelde modelovereenkomst is facultatief; daar bestaat dus geen verplichting toe. Naast het werken met een modelovereenkomst kunnen (belangenorganisaties van) opdrachtgevers of (belangenorganisaties van) opdrachtnemers een eigen overeenkomst voorleggen aan de Belastingdienst, zodat die kan oordelen of de opdrachtgever gevrijwaard is van afdracht van loonheffingen. Partijen kunnen hieraan zekerheid ontlenen omtrent de loonheffingen. De Belastingdienst zal beoordeelde overeenkomsten (voor zover mogelijk) openbaar maken, ter gebruik voor andere opdrachtgevers en opdrachtnemers.

Wat zijn de gevolgen voor opdrachtgevers en opdrachtnemers?

Voor opdrachtgevers en opdrachtnemers betekent een en ander dat als er wordt gewerkt volgens een overeenkomst die door de Belastingdienst is opgesteld of beoordeeld, de opdrachtgever geen loonheffingen hoeft in te houden en te betalen. De opdrachtgever is dan gevrijwaard van afdracht van loonheffingen. De opdrachtnemer is dan niet verzekerd voor de werknemersverzekeringen (WW, ZW en WIA). Echter, de Belastingdienst behoudt de mogelijkheid de eerdere uitspraak achteraf te herzien, indien partijen feitelijk niet hebben gewerkt conform de bepalingen in de beoordeelde overeenkomst van opdracht. Indien achteraf blijkt dat niet volgens de beoordeelde overeenkomst is gewerkt en feitelijk sprake is van een dienstbetrekking, dan vervalt met terugwerkende kracht de eerdere vrijwaring voor afdracht van loonheffingen. Voor de opdrachtgever betekent dit dat alsnog loonheffingen moeten worden inhouden en betaald. Hij krijgt een correctieverplichting/ naheffingsaanslag. De opdrachtnemer is in dat geval verzekerd voor de werknemersverzekeringen. Zorg er dus altijd voor dat er in overeenstemming met de afspraken/werkwijze zoals geformuleerd in de overeenkomst van opdracht gewerkt wordt!

Relevant te benoemen is dat de beoordeling van de overeenkomst geen uitsluitsel geeft over hoe de Belastingdienst de uiteindelijke inkomsten van de opdrachtnemer ziet. Pas bij het beoordelen van de aangifte inkomstenbelasting van de opdrachtnemer bepaalt de Belastingdienst of de inkomsten worden gezien als winst uit onderneming of als resultaat uit overige werkzaamheden. Werken volgens een overeenkomst die door de Belastingdienst is opgesteld c.q. beoordeeld geeft dus alleen uitsluitsel over de loonheffingen en niets over het ondernemerschap van de opdrachtnemer.

Transitieplan

Voor een soepele invoering van de met dit wetsvoorstel samenhangende nieuwe werkwijze is er een transitieplan gemaakt, opgedeeld in verschillende fases.

1) Vanaf heden tot 1 mei 2016 is er een voorbereidingsfase, waarbij de focus ligt op het geven van voorlichting (door de Belastingdienst) en het tot stand komen van de modelovereenkomsten. Er zijn al een aantal overeenkomsten gepubliceerd op de website van de Belastingdienst. Hierbij is een indeling in drie categorieën gemaakt: algemene modelovereenkomsten, voorbeeldovereenkomsten voor branches/beroepsgroepen, individuele overeenkomsten.

2) Vanaf 1 mei tot 1 mei 2017 geldt de implementatiefase, waarbij er geen VAR meer wordt verstrekt en aan bestaande VAR’s voor de periode na inwerkingtreding geen vrijwaring kan worden ontleend. Het idee hierbij is dat er voldoende tijd is om een eigen overeenkomst voor te leggen aan de Belastingdienst en waar nodig de werkwijze aanpassen.

3) Op 1 mei 2017 geldt de nieuwe werkwijze onverkort. De werkwijze moet dan voldoen aan de regels, dus er moet ofwel buiten dienstbetrekking worden gewerkt, ofwel er moeten loonheffingen worden voldaan en afgedragen. Trekt de Belastingdienst op enig moment de conclusie dat niet volgens de regels gewerkt wordt, dan zal er een correctieverplichting of een naheffingsaanslag worden opgelegd.

Wij assisteren uiteraard graag bij het opstellen van een overeenkomst c.q. bij het aanpassen van een door de Belastingdienst reeds goedgekeurde modelovereenkomst.

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Naar boven scrollen