Home > Arbeidsovereenkomst > Herziening Woningwet: WNT-aspecten
Herziening Woningwet: WNT-aspecten

Herziening Woningwet: WNT-aspecten

De voornemens om het functioneren van het corporatiestelsel te verbeteren buitelen over elkaar heen. Mijn kantoorgenoot Marieke van Dongen schreef een kernachtig blog over het wetsvoorstel tot wijziging van de woningwet (herzieningswet toegelaten instellingen volkshuisvesting, kamerstukken 32 769) dat op 5 juli 2012 is aangenomen door de Tweede Kamer en nu op de agenda bij de Eerste Kamer staat. Ondertussen is er 19 juni 2014 een aanpassing op dit wetsvoorstel ingediend in de Tweede Kamer, de zogenaamde Novelle (kamerstukken 33 966). Deze Novelle is op 11 december 2014 unaniem door de Tweede Kamer aangenomen. Verder kwam recent het eindrapport van de parlementaire enquêtecommissie Woningcorporaties bij, waarover inmiddels ook een blogbericht over is verschenen.

Schaalverkleining op komst?
Een aantal aanbevelingen wijst in de richting van diverse vormen van begrenzing. Begrenzing van werkgebied en begrenzen van schaalgrootte. Concreet zou dit kunnen betekenen dat grote, landelijke (althans regio-overstijgende) corporaties moeten gaan ontmantelen, defuseren. Verder zouden de corporaties terug moeten naar de kerntaak en bijvoorbeeld commerciële nevenactiviteiten (niet-DEAB) moeten afbouwen. Kortom, indien de aanbevelingen van de enquêtecommissie worden overgenomen en in de praktijk worden gebracht, zullen grote corporaties gedwongen kleiner moeten worden.

Wettelijke normering beloning
Deze schaalverkleining zal gevolgen hebben voor de toegestane maximale bezoldiging van de topfunctionarissen in de zin van de WNT. Sinds 1 januari 2013 is de WNT van kracht en worden de salarissen van topfunctionarissen in de (semi)publieke sector wettelijk genormeerd. De Wet openbaarmaking uit publieke middelen gefinancierde topinkomens (WOPT) zorgde niet (voldoende) voor inperking van de salarissen. De WNT zorgt daar sinds 1 januari 2013 wel voor, de maximale bezoldiging bedraagt 130% van een ministerssalaris.

Blok staffel
Dit wil echter niet zeggen dat alle topfunctionarissen in de corporatiesector (dit zijn meestal de bestuurders en soms ook (regio)directeuren) 130% van het ministerssalaris mogen verdienen. Minister Blok heeft gebruik gemaakt van de mogelijkheid een staffel in te voeren, alleen voor de grootste corporaties geldt het plafond van de WNT-norm. Kleinere corporaties mogen hun topfunctionarissen minder beloning toekenning, wat maximaal is toegestaan kan worden afgeleid uit de zogenaamde ‘Blok staffel’ vernoemd naar minister Blok (Regeling bezoldigingsmaxima topfunctionarissen toegelaten instellingen volkshuisvesting).

De Blok staffel introduceert een indeling in klassen, gebaseerd op het aantal verhuureenheden, in combinatie met het inwoneraantal van de grootste gemeente waar de corporatie minimaal 20% van haar verhuureenheden heeft. De verschillen kunnen groot zijn. De maximale bezoldiging in 2014 was ongeveer € 230.000,- voor de grootste corporaties (meer dan 50.000 eenheden, gemeente meer dan 60.000 inwoners), negen klassen lager is dit nog maar € 82.100,.- (tot 750 eenheden en gemeenten minder dan 100.000 inwoners).

Gevolgen schaalverkleining en WNT 2
Indien de corporatiesector een opdracht krijgt tot schaalverkleining, zal dit gevolgen hebben voor de toegestane bezoldiging. Vermindering van het aantal verhuureenheden per corporatie zal kunnen leiden tot een lagere toepasselijke klasse van de Blok staffel. Deze staffel zal vermoedelijk ook nog verder neerwaarts worden bijgesteld indien WNT 2 van kracht wordt. WNT 2 is nu in behandeling bij de Eerste Kamer en beoogt de WNT-norm te verlagen tot 100% van het ministerssalaris. De klassen van de staffel zullen navenant dalen.

De sector zal een dubbel effect ervaren: allereerst WNT 2 en daar overheen wellicht een lagere klasse-indeling. Dit lagere bezoldigingsniveau zal bovendien in veel gevallen snel dichterbij komen, nu voor vele bestuurders al per 1 januari 2013 het overgangsrecht van 4 jaar behoud van oude aanspraken is gaan lopen. Uit de parlementaire geschiedenis van WNT 2 blijkt dat het overgangsrecht eenmaal gaat lopen, zodra de bezoldiging voor het eerst boven het wettelijk maximum uitkomt. Dat was gezien het beloningsniveau in de corporatiesector voor velen al het geval per 1 januari 2013. Zij mogen vier jaar het oude salaris van vóór de WNT behouden. Per 1 januari 2017 zal een afbouwtermijn van 3 jaren gaan lopen tot het niveau van WNT 1, zijnde 130% van een ministerssalaris. Daarna zal –indien WNT 2 wordt aangenomen- de bezoldiging in twee jaar moeten worden terug gebracht naar 100% van een ministerssalaris. Als in de tussentijd de omvang van de corporatie is geslonken, zal het toepasselijke salarisniveau wellicht nog lager liggen vanwege een lagere toepasselijke klasse van de Blok staffel.

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Naar boven scrollen