U bent hier: Home > Arbeidsovereenkomst > Werkt de ‘hoelangwerkloos’-methode?
Werkt de ‘hoelangwerkloos’-methode?

Werkt de ‘hoelangwerkloos’-methode?

Bij de toekenning van schadevergoeding, indien sprake is van een kennelijk onredelijke opzegging van het dienstverband, moet gekeken worden naar de verwachte schade van de werknemer. Daarnaast is van belang de mate waarin de aan werkgever en werknemer toe te rekenen omstandigheden tot de schade hebben bijgedragen. Met andere woorden, hebben zij gehandeld zoals een goed werkgever of goed werknemer betaamt (artikel 7:611 BW)?

Hanteren vaste formule verboden

Het toepassen van een vaste schadeberekeningsformule, zoals de kantonrechtersformule in ontbindingszaken, is niet toegestaan bij kennelijk onredelijk ontslag. De Hoge Raad heeft dit in 2009 en 2012 beslist. In de praktijk blijkt een concrete schadeberekening niet (goed) werkbaar te zijn. Een belangrijk gezichtspunt bij de schadeberekening is namelijk de te verwachten inkomensschade na het ontslag. Deze dient zo concreet mogelijk te worden berekend, maar hoe?

Methode: hoelangwerkloos

Het Hugo Sinzheimer Instituut van de Universiteit van Amsterdam heeft een berekeningsmodel ontwikkeld, waaruit blijkt hoe lang een ontslagen werknemer naar verwachting werkloos blijft èn wat de kans op een nieuwe baan is (www.hoelangwerkloos.nl). Voor de toepassing van deze methode hoeft maar een beperkt aantal persoonskenmerken van de werknemer (leeftijd, woonprovincie) en kenmerken van het arbeidsverleden (laatste baan, sector, beroepsniveau en beroepsrichting) ingevuld te worden. Vervolgens rollen de verwachte werkloosheidsduur in dagen en de kans op uitstroom naar een baan uit de rekenmodule.

Kanttekeningen bij deze methode

De methode ‘hoelangwerkloos’ is ontwikkeld op basis van arbeidsmarktgegevens van personen die in de periode 2002 t/m 2011 een WW-uitkering ontvingen. Op grond hiervan zijn kanttekeningen te maken.

Allereerst zijn alleen gegevens over WW-instroom meegenomen, terwijl verondersteld mag worden dat 30% van de ontslagzaken niet leidt tot instroom in de WW.

Ten tweede wordt geen rekening gehouden met de concrete inspanningen van werkgever en werknemer rond scholing en het vinden van een andere baan.

Ten derde maakten in het begin van de periode 2002-2011 veel oudere werknemers gebruik van vervroegde uittreding en werd de WW wel gebruikt als glijbaan naar die vervroegde uittreding. Dit leidt tot een vertekend beeld van de verwachte duur van werkloosheid van oudere werknemers. Het heeft geen invloed op de kans op uitstroom naar een andere (betaalde) baan.

Met deze drie kanttekeningen moet rekening gehouden worden bij concrete toepassing van het berekeningsmodel.

Kantonrechters enthousiast

De Kring van Kantonrechters besloot in de vergadering van 1 november 2012 geen aanbevelingen vast te stellen voor (schade)vergoedingen wegens kennelijk onredelijk ontslag. Aanleiding zijn de plannen van het Kabinet voor het invoeren van een nieuw ontslagrecht. Deze houden o.a. in de invoering van een wettelijke vergoeding voor scholing in de vorm van een transitiebudget van een kwart maandsalaris per dienstjaar, met een maximum van vier maandsalarissen.

Alleen als de opzegging onterecht is of in hoofdzaak aan de werkgever te wijten, kan de rechter een vergoeding toekennen. Deze bedraagt een half maandsalaris per dienstjaar, met een maximum van € 75.000,-.

De kantonrechters zijn zeer positief over de berekeningsmethode ‘hoelangwerkloos’. Hierdoor is een redelijke schatting te geven van de duur van de werkloosheid van een ontslagen werknemer en daarmee van de schade die een werknemer lijdt als gevolg van zijn ontslag, aldus het persbericht van de Kring van Kantonrechters.

Eerste rechterlijke uitspraken

Er zijn inmiddels enkele uitspraken van rechtbanken en het hof ’s-Hertogenbosch, waarin als belangrijk gezichtspunt gebruik gemaakt wordt van de berekeningsmethode ‘hoelangwerkloos’.

Genoemd hof paste vervolgens nog een verfijning toe. Op de verwachte duur van werkloosheid werd een staffel berekend, namelijk suppletie van te verwachten WW-uitkeringen tot 100% gedurende de eerste 12 maanden en vervolgens tot 70% van de maanden 13 t/m 24 en daarna tot 8 maanden tot 50% van het salaris.

Verdere rechtspraak moet afgewacht worden. Duidelijk is dat (schade)vergoeding bij ontslag, zowel in een kennelijk onredelijk ontslagprocedure als in een ontbindingsprocedure, sterk in beweging is. Dit geldt niet alleen voor de rechtspraktijk, maar ook voor de politiek en sociale partners die overleggen over het nieuwe ontslagrecht en een kortere WW. Via deze website wordt u hierover geïnformeerd.

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Naar boven scrollen